De expositie Bouwen in stijl; architectuur in Wageningen is deze zomer in het museum te zien. In vier zalen zal de Wageningse architectonische geschiedenis, het heden en de toekomst ervan getoond worden. Gekoppeld aan de expositie zullen lezingen worden verzorgd, rondleiding gegeven en educatieve activiteiten georganiseerd. De expositie is te zien van mei tot november van dit jaar.
In de eerste zaal staat de stedenbouwkundige ontwikkeling (‘de organische groei’) van 1875 tot heden Wageningen centraal. Er worden vijf periodes behandeld: van 1875 tot 1920, van 1920 tot 1940, de Tweede Wereldoorlog, de wederopbouw tot aan de jaren ’70 en tenslotte de stedenbouw en architectuur van de laatste 50 jaar. Voor elke periode wordt zichtbaar gemaakt hoe veranderende architectonische opvattingen doorwerken in het ontwerp van Wageningse wijken en woningen. Prachtige gebouwen als Het Schip van Blaauw en Microbiologie worden zo geplaatst in hun tijd. Maar ook de Stadsbrink, de Sterflats en wijken als Noordwest krijgen een verhaal waarmee de architectuur ervan begrijpelijk wordt.
In de tweede zaal worden zeven thema’s uitgediept die het veelzijdige spectrum van Wageningse architectuur verder in kaart brengt. Wageningen is een universiteitsstad, en bijna een kwart van de inwoners is student. De architectuur van studentencomplexen is dan ook één van die thema’s. Wageningen heeft vanwege de universiteit ook veel rijksgebouwen. De verschillende Rijksbouwmeester hebben duidelijk een stempel gedrukt op de architectuur van – veel nog steeds aanwezige – gebouwen. Ook dat krijgt aandacht. In de Tweede Wereldoorlog is Wageningen twee keer verwoest, en de wederopbouw heeft een architectonisch stempel gedrukt op de binnen stad, namelijk die van de Delftse School. Ook de Amsterdamse School krijgt natuurlijk een plek, naast onderwerpen als ‘Wageningse architecten’, ‘Transformatorhuisjes’, ‘Post65 erfgoed’, ‘Villaparken’ en ‘Tuindorpen’.
In de derde zaal komen de parels van de Wageningse architectuur aan bod. Wageningen kent prachtige villa’s gesticht met koloniaal kapitaal, zoals Hinkeoord en Villa Sanoer. Maar Wageningen is ook bekend om zijn gebouwen van de Amsterdamse School en de vele gebouwen in Neo Renaissancistische stijl. In het museum worden deze architectonische parels tentoongesteld. Via een speciaal uitgezette wandeling door de stad zijn deze ook direct te bekijken.
In de laatste zaal staat studentenhuisvesting centraal. Wageningen is niet alleen de Stad der Bevrijding, maar ook de ‘City of Life Sciences’. De Landbouwhogeschool heeft vanaf het allereerste begin (1918) een stempel gedrukt op de stad. Momenteel is meer dan een kwart van de inwoners student, en meer dan de helft van de bewoners heeft en relatie met de WUR: Wageningen University Research. Veel gebouwen -vaak van hoge architectonische kwaliteit- zijn of waren onderdeel van de universiteit. Vanaf de jaren zeventig is ook de huisvesting van studenten het stadsbeeld gaan bepalen: niet alleen de monumentale ‘sterflats’ die de contouren van de stad markeren, maar ook de architectonisch gezien veel speelsere vormen van huisvesting van de laatste decennia. Heeft de universiteit zich 10 jaar geleden definitief uit de (binnen-)stad teruggetrokken, de studenten en hun huisvesting zijn nog alom aanwezig.
[informatie ook op de website van de Casteelse Poort ]











