Berichten uit de WAW

Twee muurtjes in de Veerstraat

E. (Eric) van Dorland
Oktober 2018

Tijdens het saneren van vervuilde grond in de tuinen aan de Veerstraat , kwamen in de achtertuin van nummer 110 twee muurtjes tevoorschijn .(Afb. 1) De bewoners dachten aan overblijfselen van muren van eerdere woningen en vroegen de Werkgroep Archeologie Wageningen (WAW) om meer informatie. Als werkgroep moesten we het doen met foto’s en beschrijvingen want inmiddels was ter plaatse reeds schone grond opgebracht. Lees meer…
 
 

Jaarverslag WAW 2017

WAW, 10-01-2018
 
Klik hier voor het jaarverslag 2017 van onze Werkgroep Archeologie Wageningen. Het jaarverslag laat zien hoe belangrijk ook ons Wagenings bodemerfgoed is en welke inzet de twintig vrijwilligers van WAW geven om dit te behouden en verder in kaart te brengen.
 
Dat hun werk wordt gewaardeerd blijkt wel uit het feit dat WAW is uitgenodigd om op de nieuwjaarsreceptie (10-1-2018) van de AWN Vereniging van Vrijwilligers in de Archeologie (afdeling 17) in Arnhem het jaarverslag en hun aanpak van het archeologisch werk te presenteren en toe te lichten.
 

 
 

WAW op ‘oefening’ in de Harskamp

en boomstamputten uit de 13e of 14e eeuw

 
Hans Dobbe, 25-10-2017
 
Afgelopen september en oktober hebben 5 archeologen van onze werkgroep WAW meegewerkt aan een grote opgraving in Harskamp waar een flink aantal nieuwe woningen gebouwd gaat worden. Omdat er momenteel in Wageningen geen bouwprojecten zijn en komen waar de archeologische verwachting hoog is, hadden we de mogelijkheid om uit te wijken naar Harskamp om zo onze archeologische kennis en kunde op peil te houden. De gemeente Ede had het archeologisch bedrijf Archol uit Leiden ingeschakeld om de bewoningsgeschiedenis van dit hele gebied in kaart te brengen en voor WAW de mogelijkheid om hier aan mee te helpen. Eerst werd de grond op het terrein met een kraan laagsgewijs afgegraven tot dat er sporen en vondsten van menselijke bewoning uit het verleden tevoorschijn kwamen. Sporen van greppels, omheiningen en paalsporen van boerderijen die daar hebben gestaan. Concreet en heel groot en interessant waren zeven boomstamputten die helemaal opgegraven werden, omdat die veel interessante aanwijzingen konden geven.


De zeven boomstamputten waren gemaakt uit de onderkanten van eikenhouten boomstammen. De grootste boomstamput had een diameter van maar liefst 1.35 m. Het stuk stam werd gekloofd, waardoor er twee of meer splijtstukken ontstonden die vervolgens werden uitgehold tot een wanddikte werd bereikt van ca 10 cm. Daarna werden de stukkenweer aan elkaar bevestigd met getordeerde takken van wilg dat als een soort touw om twee houten pennen werd gelegd, om zo de stukken aan elkaar te sjorren. In de vulling van de putten werden aardewerk scherven gevonden en hoogstwaarschijnlijk enkele voorwerpen, waaronder een linkerschoen, die kunnen duiden op rituele offering. Van elke boomstamput is een stuk uitgezaagd om dit dendrochronologisch te laten onderzoeken. De verwachting is dat de putten dateren uit de 14e eeuw.

In het Museum De Casteelse Poort staat ook een dergelijke fraaie 12e eeuwse geconserveerde boomstamput die is opgegraven bij een opgraving aan de Kolkakkerweg.

Prachtige vondst van 4000 jaar oud

In maart 2016 deden Eddie Ruijterkamp van de WAW en een vriend, HendrikJan Landman uit Wageningen met hun metaaldetector een zeer bijzondere vondst.

hellebaard foto

Aan de Rijn ter hoogte van de boerderij De Wolfswaard onder een laagje grint ontdekten zij een bronzen speerpunt. Door hen werd gedacht dat het een Romeinse speer of dolk zou zijn. Na verdere bestudering bleek echter dat zij een hellebaardblad of een dolk uit de vroege Bronstijd hadden gevonden. Datering ca 2000 v Chr, dus een prachtige vondst van 4000 jaar oud en klokgaaf. De maker moet waarschijnlijk gezocht worden in Ierland. Met de hellebaard werd geslagen, dwz dat het haaks op de steel werd vastgezet, en dat het waarschijnlijk als een statussymbool werd gedragen.

In de onderkant bevinden zich een viertal gaatjes waarmee met pennen de punt op een lange houten stok kon worden bevestigd. Het wapen is behoorlijk scherp, vrij dun, maar doordat het middenstuk verdikt is, is het toch stevig. Bronzen werktuigen vervingen langzamerhand de stenen werktuigen omdat zij minder snel braken. Of de hellebaard hier verloren of begraven is zal waarschijnlijk nooit duidelijk worden. Het lijkt niet waarschijnlijk dat het, meegenomen door de stroming van de Rijn, van een andere plaats afkomstig zal zijn. Een historische verklaring zou ook kunnen zijn dat het tijdens een offerritueel in de rivier is geworpen.